• Anne.

Nieuwe woorden

Ik stel het me zo voor: 44 graden, het lijf loom, het zand schuurt en het licht is fel. Als vanzelf knijp ik mijn ogen tot spleetjes. De woestijn botst tegen gele rotswanden, rechts gloort canvas: militairen bouwen aan ‘Camp Holland’, voor vrede in Afghanistan.

H. zie ik op z’n rug, bij de grote tent. Naast hem staat zijn roomie, zoals ik had gevraagd. Hun leidinggevende loopt naar ze toe en legt een hand op H.’s  schouder. 


Van die hand tot thuis duurt zo’n zeventig uur. Van stoffige tanks naar rammelende heli’s en trage uren op vlieghavens en in vliegtuigen. Te lang om nog zijn moeder te kunnen zien voor de kist gesloten wordt.


E. is twee en zijn moeders grootste liefde - E. haar grootste fan. We willen haar afscheid laten nemen, maar ze begrijpt er natuurlijk niets van. Waarom moet ze oma’s pop bij die kist achterlaten? Die moet naar oma terug!


Ik ben zo moe, de baby is ziek en dat borstvoeden, mooi hoor, maar ik word er gek van. Met elkaar zijn we behoorlijk de weg kwijt. En voor we het weten zit H. alweer in het vliegtuig terug, want het ontbreekt Defensie aan verpleegkundigen.


Er volgt een tijd vol emoties. Het verdelen van de spullen, het verkopen van het huis, het blokken van het journaal. Maar ook van langgerektheid: ik heb geen werk en de dagen lijken naadloos in elkaar over te gaan. Het is baby, peuter en ik, en als Afghanistan zich rustig houdt, belt H. 's zondags om 21 uur.


Soms blijft de baby een uurtje bij iemand en pakken E. en ik de fiets. Fietsen met een peuter voorop is het allerallerleukst dat ik kan bedenken. Met de wind door de haartjes zingt ze en klapt ze en praat ze. Ik ken haar woordenschat precies. We dwalen door wijken en gaan naar andere supermarkten dan anders, om de sleur te doorbreken.

Op één van die tochten huppelt ze zingend voor me uit naar de kassa.

Maar ... Wát zingt ze nou ..?


‘Ik hooouuu van oma R.!’


Nieuwe woorden. Die er zomaar uitrollen, omdat ze de winkel herkent waar ze elke vrijdag met haar oma kwam. Waar ze koekjes mocht uitzoeken en oma eten kocht voor ‘s avonds, als haar broertje en ik weer komen. De woestijn in mijn hoofd maakt in één klap plaats voor de vijver waar ze samen eendjes voerden, en de keukentafel waar ik zo graag nog aan zou schuiven.


We zijn twaalf jaar verder en E. vliegt vanonder mijn vleugels. Ik moet nog veel leren, maar het gaat goed. Je had erbij moeten zijn, lieve R.


4 keer bekeken